We maken allemaal wel eens een spelfout. En we mogen een door onszelf geschreven artikel nog zo vaak nalezen, de kans is reëel dat er nog een fout in staat.
Maar troost jezelf, het ligt niet aan jou. De grote schuldige is ene Titivillus. (meer…)
We maken allemaal wel eens een spelfout. En we mogen een door onszelf geschreven artikel nog zo vaak nalezen, de kans is reëel dat er nog een fout in staat.
Maar troost jezelf, het ligt niet aan jou. De grote schuldige is ene Titivillus. (meer…)
Zwijgen, of niet spreken, is ook taal. Het is ook een vorm van communicatie. En zwijgen kan heel veel verschillende betekenissen hebben, gaande van goed- of afkeuring over respect tot brutaliteit.
Wanneer je moet zwijgen, wie moet zwijgen, hoe lang moet worden gezwegen en hoe je het zwijgen moet interpreteren, zijn gebonden aan regels die tot dezelfde taalgebruiksystemen behoren als het spreken zelf. (meer…)
In een ver verleden, toen de dieren nog spraken, kregen middelbareschoolstudenten grondig les in zinsontleding. Die les zinsontleding krijgen ze nu nog, maar de zinsdelen zijn veranderd van naam, er zijn er heel wat minder en een en ander is sterk vereenvoudigd.
Iemand op de set roept op tot stilte. De acteurs maken zich klaar, de camera- en klankmensen zetten zich op hun plaats en iemand met een zwartwit bord plaatst zichzelf voor de hoofdcamera. De bordpersoon – bestaat hiervoor een specifieke term? – kondigt eventueel de scene en take aan, klapt het boveneinde van het bord flink naar beneden, de regisseur zegt “en… actie!” en de film wordt gemaakt.
Ook al weet je niets over films maken, al het bovenstaande gebeurt om een duidelijke reden. De acteurs acteren, de camera- en klankmensen nemen beeld en geluid op, en de regisseur regisseert. Maar wat met de persoon met het vreemd uitziende bord. Dit ding hieronder dus. Waarvoor dient dat? (meer…)
Al eeuwenlang en in alle talen wordt met taal gespeeld. Daarbij worden op een speelse manier de uiterste grenzen van de taalsystematiek verkend.
Deze vorm van taalkunde heeft ook een naam: recreationele taalkunde. (meer…)
Verhalen uit het verleden vind ik boeiend, en al zeker als er ook een taalkundige component in zit.
Een van die verhalen is de legende van de groene kinderen van Woolpit, Engeland. De kinderen, broer en zus, leefden ergens tussen 1135 en 1154, minder dan één generatie voordat het verhaal werd neergepend, wat het dus veel plausibeler maakt dan verhalen die honderden jaren na de gebeurtenis zijn neergeschreven. (meer…)

Dunloe Ogham Stones, Beaufort, Co. Kerry, Ireland
Ogham is het alfabet van het Oud-Iers maar ook van het Brithonisch en Pictisch. De oudste van de 400 overblijvende manuscripten dateren uit de vierde eeuw, maar velen zijn ervan overtuigd dat het alfabet ook al kort na het begin van de tijdrekening werd gebruikt. In de loop van de zevende eeuw stopte het gebruik van het alfabet. (meer…)
Ons gewone woordenboek ken je uiteraard. Daarin staan alle woorden alfabetisch gerangschikt volgens hun eerste letter, dus te beginnen met ‘a’. Is de eerste letter gelijk, dan worden de woorden gerangschikt volgens de tweede letter, enz.
Maar er zijn ook retrograde woordenboeken. Daarin worden de woorden alfabetisch gerangschikt volgens hun laatste letter. Dan zijn dit de eerste woorden in zo’n Nederlands retrograde woordenboek: (meer…)
Het getal pi (3,14159…) kennen we allemaal wel. Het is een wiskundige constante die de verhouding tussen de omtrek en de diameter van een cirkel weergeeft. Pi (of π) is eigenlijk een afkorting van het Griekse woord periphereia of omtrek van een ronde vorm.
Er zijn heel wat manieren om het getal pi zo ver je maar wilt te onthouden, maar de eenvoudigste manier is via piems. Dat is een combinatie van pi en poems. Gedichten dus, en die wel zo zijn opgesteld dat het aantal letters van elk woord aangeeft welk getal er moet staan. (meer…)

Ik lijd ongetwijfeld aan arachnofobie!
Hippopotomonstrosesquippedaliofobie is de angst voor het lezen of uitspreken van lange woorden, waaronder het woord… hippopotomonstrosesquippedaliofobie. (meer…)