Het Vlaams van Pom (1)

Pom is het pseudoniem van de Antwerpse tekenaar Jozef Van Hove (1919-2014). Zijn levenswerk was de stripreeks Piet Pienter en Bert Bibber.

Pom was ingenieur van opleiding maar raakte als illustrator aan de slag bij Het Handelsblad. Op 5 januari 1951 verscheen de eerste strook van de eerste strip van Piet Pienter en Bert Bibber. Met sarcastische en cynische humor en legendarisch geworden woordspelingen oogstte hij heel wat waardering bij de lezers.

De strip groeide uit tot een van de bijzonderste Vlaamse stripreeksen van de twintigste eeuw met albums die verschenen tussen 1951 en 1995.

Gesproken Vlaams

Typisch voor die tijd was dat Pom altijd in het gesproken Vlaams schreef. Niet zelden was dat Brabants (Antwerps is een Brabants dialect). Dat deden andere striptekenaars ook, maar een Willy Vandersteen wijzigde dat in Suske en Wiske al snel uit commerciële overwegingen en deed zelfs aan product placement.

Pom over Vlaams voor Nederlanders

Niets van dat alles bij Pom. Hij vond dat Nederlanders maar wat moeite moesten doen om ons gesproken Vlaams te verstaan.

Ik kan de strips van Piet Pienter en Bert Bibber overigens warm aanbevelen aan de Nederlandse lezers. Ze zijn ook een kleine zeventig jaar later nog altijd een mooi voorbeeld van de echte volksaard van de Vlaming. En de Vlaming spreekt vaak nog altijd zoals de personages in de strip.

En over die taal wil ik het in enkele blogartikelen hebben. Want wat is dat Vlaams dat Pom zo graag gebruikte?

Wel, sinds dit jaar brengt Standaard Uitgeverij de hele reeks van 45 albums uit de hoofdreeks uit in elf ‘integrales’. Op dit moment zijn er twee van verschenen, Er komen er nog eens twee dit jaar, vier in 2021 en drie in 2022. Bij elke integrale wil ik jullie tonen wat er zo typisch Vlaams is aan de taal van Pom. In dit artikel heb ik het over Integrale 1.

Verzonnen woorden

Veel woorden verzon Pom niet voor zijn strips, maar op eentje was hij zelf wel bijzonder trots: interlocktueel, een woord dat gemeengoed is geworden.

 

Franse woorden

Typisch voor vele Vlaamse dialecten is dat er behoorlijk wat Franse woorden vernederlandst zijn. De meeste van die woorden gebruiken we nog altijd. Denk maar aan derangeren (déranger – storen), freinen (freiner – remmen), voyageur (vertegenwoordiger – ook reiziger genoemd) en assangseur (ascenseur – lift). Vind je ze allemaal in de afbeeldingen hieronder?

 

Typisch Vlaamse woorden

De Vlaamse (of Belgisch-Nederlandse) woordenschat is bijzonder rijk. Pom maakt er dan ook dankbaar gebruik van en het maakt zijn personages een pak echter dan die in de strips waarin wat we in die tijd bekakt Hollands noemden werd gesproken.

Het zou een gigantische verrijking zijn voor de Nederlandse taal mochten zowel Vlaanderen als Nederland elkaars afzonderlijke woordenschat minstens voor een deel overnemen.

Vind jij hieronder de typisch Vlaamse woorden terug en weet je wat ze betekenen?

Hopelijk merk je dat de stripreeks niet alleen taalkundig maar ook qua verhaallijn voldoende boeiend is om met plezier te lezen.

In een volgend artikel overlopen we de woorden in Integraal 2.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.