Het belang van lezen voor schoolkinderen is algemeen bekend. Er zijn heel wat studies over en ook ministers buigen zich over dit onderwerp.
Maar wat met de geletterdheid van heel jonge kinderen, van nul tot zes jaar? Daar is sinds enige tijd ook steeds meer belangstelling voor.
In Wat jonge kinderen echte lezers maakt maken we kennis met verschillende kinderen van diverse leeftijden in hun huiselijke omgeving. Hoe gaan zij met taal om, met voorlezen, met lezen?

Dat levert alvast enkele verrassende zaken op. Wanneer kinderen van twee jaar oud een boek vast hebben, dan brabbelen ze vooral, maar eigenlijk is dat al een vorm van lezen. Dit boek legt nauwgezet uit hoe dat zit en hoe kinderen naarmate ze ouder worden overschakelen op verhalen maken, maar ook hoe hun geheugen daarbij werkt.
Bijzonder interessant vind ik het hoofdstuk over het lezen en vooral herlezen van klassiekers. Er is een reden waarom klassiekers zo goed zijn en het steeds weer ernaar teruggrijpen betekent niet dat je de hedendaagse literatuur negeert. Zolang je maar over boeken praat.

Met dit boek krijg je als ouder niet alleen meer inzicht in hoe kinderen omgaan met boeken en verhalen, je leert ook hoe je je kinderen zelf tot lezen kunt aanzetten. De voorbeelden zijn heel concreet zodat je er meteen mee aan de slag kunt. Bovendien is alle informatie wetenschappelijk onderbouwd.
Belangrijk is wel dat het meeste onderzoek waarnaar de auteur verwijst Amerikaans is. De voorbeelden zijn dan ook Amerikaans. Maar laat dat geen hindernis in je leeservaring zijn. De ervaringen, lessen en inzichten in taal bij heel jonge kinderen zijn universeel. Er is geen wezenlijk verschil op dat vlak tussen Amerikaanse peuters en Europese, Aziatische of Afrikaanse peuters.
Boekinformatie:
Wat jonge kinderen echte lezers maakt (ontluikende geletterdheid van 0 tot 6)
door Wilna Meijer
304 bladzijden
Uitgeverij Amsterdam University Press B.V.
ISBN: 978 90 4856 915 1